BOWEN-TECHNIEK
De Bowen Techniek is een krachtige, zeer doeltreffende behandelmethode,
waarbij het zelfgenezend vermogen van het lichaam geactiveerd wordt.
Met de duim en wijsvingers wordt er met lichte druk een korte
rolbeweging over diverse spieren gemaakt op specifieke plekken.
Een verrassend eenvoudige techniek, die in de regel snel en goede
resultaten geeft. Deze zachte behandelmethode is pijnloos en geeft geen
extreme reacties.
Met de Bowen Techniek wordt altijd de hele persoon behandeld en niet
een geïsoleerde klacht. Bij acute gevallen wordt eerst lokaal
behandeld en daarna de hele persoon.
Subtiel en krachtig
Vaak roept het subtiele karakter van de Bowen Techniek vraagtekens op.
De krachtige werking staat namelijk in groot contrast met de zachte
handelwijze. Dit is vaak moeilijk te bevatten en zelfs ervaren
behandelaars zijn nog geregeld verbaasd over het effect ervan. De
positieve reacties van cliënten / patiënten spreken voor
zich.
Toepassingsgebieden
De Bowen Techniek kan toegepast worden bij jong en oud ongeacht welke klacht of kwaal. Hier zijn geen beperkingen.
Bowen helpt en verlicht onder andere bij:
rug- en nekpijn, knieproblemen, RSI, ontstoken/ gevoelige borst, hiel-
en voetpijn, bunions, sportblessures, botbreuken, PMS, frozen shoulder,
tenniselleboog, stress, ademhalingsproblemen, verzwikkingen.
Bowen is ook heel doelmatig bij chronische aandoeningen zoals:
hooikoorts, arthritis, hoge bloeddruk, hoofdpijn, migraine,
lymphe-oedeem, nierproblemen, arthrose, astmatische condities,
chronische vermoeidheid, fibromyalgie.
De Bowen Techniek is buitengewoon effectief bij sportblessures en werkt aantoonbaar blessurepreventief.
Bowen helpt ook de (sport)prestaties te verbeteren.
In een bestaande praktijk kan de Bowen Techniek aan de activiteiten
worden toegevoegd. Ook binnen de fysiotherapie en in de zorgsector is
de Bowen Techniek erg werkzaam en goed te gebruiken. Zo is de Bowen
Techniek ook bijzonder goed toe te passen bij stervensbegeleiding,
psychotherapie (als fysieke terugkoppeling), en binnen ziekenhuizen.
Let op combinaties
Medicijngebruik en geadviseerde oefeningen kunnen tijdens de
behandelperiode altijd voortgezet worden. De Bowen Techniek kan goed
gecombineerd worden met homeopathie, (Bach-)remedies en
orthomoleculaire geneeskunde en elke vorm van oefentherapie.
Het is belangrijk te weten, dat de Bowen Techniek zich gedurende de
behandelperiode niet laat combineren met acupunctuur, reiki, sport- of
voetreflex massage en andere direct op het lichaam werkende
therapieën.
Hoe werkt de Bowen Techniek?
Hoe de Bowen Techniek werkt weten we feitelijk niet precies en er is ook niet één enkele verklaring voor te geven.
Er is te weinig bekend over het functioneren van de hersenen.
Toch bestaat het idee dat de prikkelgeleiding door de Bowen Techniek versterkt wordt.
Om te begrijpen hoe dit werkt mogen we ons allereerst realiseren dat er
een enorme stroom prikkels, ongeveer 600.000, per seconde naar en van
de hersenen gaan. Daarbij gaan voortdurend vele verloren. Dit is op
zich geen probleem. Van een aantal prikkels met `probleemloze`
informatie is het niet zo erg als deze onderweg blijft hangen. Het kan
echter ook gebeuren dat een prikkel aangeeft dat er een probleem of
disbalans in het lichaam is en niet aankomt. De hersenen zullen dan
logischerwijs niet reageren. Er treedt dus geen herstel op.
Omgekeerd kan het ook zo zijn dat de signalen vanuit de hersenen die
tot herstel moeten leiden niet aankomen. Ook dan gebeurt er niets.
Door een Bowen-move op de juiste plaatsen in het fascie-web toe te
passen en daarna het lichaam de tijd te gunnen deze prikkel te
verwerken, komen de verloren gegane signalen weer aan. Het lichaam
herinnert zich als het ware weer hoe het hoort te zijn. Dit heeft tot
gevolg dat er een scala aan herstelreacties optreedt.
Fascie
Het belangrijkste gebied waarop gewerkt wordt is de fascie, het
bindweefselvlies rond spieren, spierbundels en -vezels; er ligt echter
ook fascie rond organen, bloedvaten en zelfs rond zenuwen. Ook
gewrichtskapsel, banden en pezen behoren er toe.
Alle fascie staat, in functionele patronen, door het hele lichaam heen met elkaar in verbinding.
Door deze samenhang speelt fascieweefsel een uiterst belangrijke rol in
de informatievoorziening, de houding en de beweeglijkheid van ons
lichaam. Een verstoring hierin heeft daarom invloed op het gehele
lichaam.
Theorieën hierover worden beschreven door Thomas Myers -
“Anatomy Trains” , Schultz & Feitis – “The
Endless Web”, Serge Paoletti – “Faszien”,
Robert Schleip – diverse onderzoeken en artikelen over de werking
van de fascie, Donald Ingber – die met name de theorieën
over “tensegrity” heeft onderzocht en uitgewerkt, Gil
Hedley die met zijn dissectie-colleges de fasciale lagen van het
lichaam blootlegt.
In dit weefsel liggen o.a. zenuwuiteinden (receptoren) die gevoelig
zijn voor druk en rek. Met name de interstitiële, de Ruffini- en
Pacini-receptoren zijn de receptoren die na prikkeling als reactie een
ontspanning van het fascieweefsel tot gevolg hebben. Deze prikkeling
wordt bewerkstelligd doordat door het druk- en het rekmoment van de
rolbeweging minieme electrische stroompjes opgewekt worden. Dit wordt
het piëzo-electrisch effect genoemd.
Zoals al vermeld is gaan enerzijds deze electrische signalen via het
zenuwstelsel naar de hersenen (segmentale werking); anderzijds reageert
de fascie direct en onafhankelijk van het zenuwstelsel. Doordat de
fascie over het hele lichaam alle inwerkende spanningskrachten
verdeelt, geeft ontspanning van de fascie in gebieden waar deze vastzit
een balansherstel in het hele lichaam (zie hiervoor de diverse
theorieën over het tensegrity-model).
Andersom geeft het ontstaan van spanning ook een reactie in het hele lichaam:
De fascie is voor te stellen als een groot net, of web, dat door het
hele lichaam loopt. Dit web omsluit precies passend alle weefsel waar
het mee in kontakt staat. Als er ergens een verstoring is zal de fascie
daar - of mogelijk ook op een andere plek - gaan samentrekken en
verstrakken. Dat is een natuurlijke beschermingsreactie van het
lichaam. Meestal herstelt het lichaam dit spontaan en ontspant de
fascie weer.
Het komt echter ook voor dat het lichaam maar gedeeltelijk herstelt en
de fascie plaatselijk gespannen blijft. Daardoor blijven alle `mazen`
van het net onder spanning staan en worden hierdoor zowel
bloedcirculatie als zenuwen in bepaalde weefsels verstoord. Dat kan
klachten opleveren bijvoorbeeld op plekken waar de fascie – nog
steeds onder spanning dus - over gewrichten loopt, zoals bij veel
RSI-klachten. Lokaal behandelen geeft dan wel wat vermindering van
klachten maar neemt niet altijd de oorzaak weg.
Verder kan spanning op het fasciale weefsel problemen met het afvoeren
van afvalstoffen geven. Nier- en darmfuncties kunnen hierdoor verstoord
raken, wat klachten als hoofdpijn, vermoeidheid en problemen met de
stoelgang tot gevolg kan hebben.
Ook stress en emotionele problemen hebben hun weerslag op de toestand
van de fascie. Omgekeerd is het dan ook niet vreemd dat ontspanning van
de fascie op zijn beurt invloed heeft op stress-beleving en emoties.
Spanning op het fasciale weefsel in het ademhalingsgebied kan
benauwdheidsklachten veroorzaken, denk hierbij aan
hooikoorts-verschijnselen, astmatische problemen.
Door de Bowen-rolbeweging ontspant de fascie, deze gaat van
“sol” (harde, stugge toestand) naar “gel”
(zachte, vloeibare toestand). Het tensegrity-principe (verdeling van
spanning in alle richtingen) distribueert deze ontspanning verder in de
diverse fasciale weefsels, waarmee het herstel op gang gebracht wordt.
Hoewel het moeilijk is om te onderzoeken hóé de Bowen
Techniek precies werkt, zijn er wel diverse onderzoeken die aantonen
dát deze werkt.
Voor meer info zie: http://www.bowengroningen.nl
Zie ook: www.Bowen.nl
Zie ook: http://bowen.eigenstart.nl